Terug | Roken en kanker

Roken en kanker

Ondanks het groot aantal gepubliceerde wetenschappelijke studies die een duidelijke relatie aantonen tussen roken en de gezondheidsrisico’s, blijven zeer veel kankerpatiënten roken, zelfs nadat kanker werd vastgesteld en zelfs gedurende en na een behandeling. Roken is en blijft een enorm gezondheidsprobleem, niet alleen omdat het oorzaak nummer één is van het ontstaan van longkanker, maar tevens omdat het bovendien de meest te voorkomen oorzaak van alle vormen van kanker is, om maar niet te spreken over andere aandoeningen zoals cardiovasculaire aandoeningen en longziekten in het algemeen.

Het gebruik van tabak tijdens een kankerbehandeling

Een studie waarbij kankerpatiënten over een periode van 30 jaar werden opgevolgd toont aan dat het roken van tabak complicaties n.a.v. radiotherapie verergert en dat deze complicaties ook langer duren. Het bewijs dat voortzetten van roken rechtstreeks geassocieerd is aan bijwerkingen en negatieve reacties gedurende de behandeling van kanker is onomstreden. Roken promoot tumorprogressie en verhoogt resistentie tegen chemotherapie. Dit is te wijten aan nicotine geïnduceerde resistentie tegen apoptose door middel van veranderingen op niveau van de signalisatie ter hoogte van de mitochondriën (1). In dezelfde studie wordt gerapporteerd dat niet-rokers in minder mate pijn rapporteren dan rokers.

Tabak zou het effect van kankerbehandeling verminderen en het risico op complicaties n.a.v. de behandelingen verhogen (2,3). Volgens een gevalideerde bron op www.cancer.net kunnen complicaties ontstaan in de drie voornaamste behandelingsdomeinen:

  • Chirurgie: roken verhoogt het risico op infectie en vertraagt postoperatieve wondheling. Er is bovendien een sterk verhoogd risico op complicaties tijdens de anesthesie (verdoving) in vergelijking tot niet-rokers, en een verhoogd risico op long- en hartcomplicaties.
  • Bestralingstherapie: het effect van bestralen is lager bij rokers. Roken tijdens de behandeling verhoogt het risico op nevenwerkingen, zoals o.a. inflammatie van mond en keel, smaakverlies, droge mond, vermoeidheid, gewichtsverlies, inflammatie van longweefsel, beender- en zacht weefselschade en stemschade.
  • Chemotherapie: roken tijdens chemotherapie verhoogt bijwerkingen zoals gewichtsverlies, spierzwakte, vermoeidheid, long- en hartproblemen. Een mogelijke oorzaak hiervan is dat tabak het metabolisme van bepaalde chemotherapieën beïnvloedt. (4)

Het negeren van de effecten van roken op kanker heeft ook een impact of tijdige diagnose. Onderzoek heeft aangetoond dat rokers een meer pessimistische kijk hebben op kanker alsook meer kans hebben om vermijdingsgedrag te vertonen, wat eveneens vroegtijdige diagnose in de weg staat.

Tweedehands roken

Tweedehands roken is een bewezen carcinogeen (=kankerverwekkend). De term tweedehands roken wordt ook wel passief roken genoemd, en is gedefinieerd als zijnde een combinatie van “sidestream’ rook (rook die wordt afgegeven door een brandend tabaksproduct) en “mainstream” rook (de rook die wordt uitgeblazen door de roker zelf). De hoeveelheid rook die wordt afgegeven door een tabaksproduct is afhankelijk van de hoeveelheid tabak die aanwezig is. Zo is de hoeveelheid tweedehandsrook die wordt afgegeven door het roken van een grote sigaar even groot als de rook afgegeven door het oproken van een heel pakje sigaretten (5). Studies tonen aan dat bij een niet-roker die samenleeft met een roker de kans op het ontwikkelen van longkanker vergroot met maar liefst 20 tot 30%. Daarbij komen dan nog de onmiddellijke impact van het inademen van tweedehandsrook op o.a. irritatie van de luchtwegen en slijmvliezen van neusholten, en de schadelijke effecten op hart- en bloedvaten.

De wetgeving die het roken in publieke ruimten verbiedt, heeft ook aangetoond een invloed te hebben op het roken thuis in gezinnen met kinderen tussen 10 en 11 jaar oud en in auto’s. Zo heeft een onderzoek in Wales (UK) aangetoond dat het verbod te roken in publieke ruimtes tot gevolg gehad dat de aantallen gezinsleden die rookten in de auto zakte, van 18% voor de wetgeving, tot 9% na het invoeren van de wetgeving. Het percentage thuisrokers (in het bijzijn van kinderen) zakte van 37% naar 26%. Bovenstaande toont aan dat het creëren van publiek bewustzijn over het effect van roken in publieke ruimten ook een positieve invloed heeft op rookgedrag in de familieomgeving (6). Probeer dus zoveel mogelijk plaatsen te vermijden waar er een verhoogd risico is op tweedehands roken.

De voordelen van stoppen met roken.

Er zijn meer dan voldoende studies die aantonen dat patiënten die stoppen met roken na kankerdiagnose een betere prognose hebben dan patiënten die niet stoppen met roken. Er is één studie in het bijzonder die een 33% overleving aantoont in 65 jaar oude patiënten met zgn. “early stage non-small cell” longkanker ten opzichte van een 70% overleving in patiënten die stopten met roken. Dit toont het belang aan stoppen met roken in de studiepopulatie (7). Andere studies tonen een verbeterde levenskwaliteit aan en een vermindering van het aantal secundaire tumors in patiënten die stoppen met roken (1).

De American Cancer Society heeft een lijst samengesteld van de voordelen van het stoppen met roken (8).

  • 20 minuten na het stoppen met roken: de hartslag en bloeddruk verlagen.(9)
  • 12 uur na het stoppen: het gehalte aan koolstofmonoxide in het bloed zakt tot een normale waarde (10)
  • 2 weken tot 3 maanden na het stoppen: de bloedsomloop verbetert en er is een verbetering van de longfunctie (11)
  • 1 tot 9 maanden na het stoppen: hoesten en kortademigheid verminderen; de cilia (kleine haarachtige structuurtjes die slijmen uit de longen verwijderen) beginnen hun normale functie in de longen terug te winnen, zo wordt slijmafvoer bevorderd, worden de longen gezuiverd en is de kans op infectie verminderd (12)
  • 1 jaar na het stoppen: het extra risico op de ontwikkeling van hartziekten is gereduceerd tot de helft van dat van een roker die blijft roken (13)
  • 5 jaar na het stoppen: het risico op mond-, keel-, slokdarm en blaaskanker is gehalveerd. Baarmoederhalskanker vermindert tot op het zelfde niveau als dat bij niet-rokers. Het risico op herseninfarct vermindert tot het niveau van niet rokers (14)
  • 10 jaar na het stoppen: het risico om te overlijden aan de gevolgen van longkanker is ongeveer half zo groot als bij een persoon die nog blijft roken. Het risico op kanker van de larynx (stem) en pancreas (alvleesklier) vermindert beduidend (15)
  • 15 jaar na het stoppen: het risico op hartziekte is hetzelfde als dat van een niet-roker (16)

Zich bewust worden van de triggers die aanzetten tot roken

Belangrijke factoren die aanzetten tot het beginnen met roken – en het blijven roken – zijn o.a. omgevingsdruk, culturele rookgewoonten, genetische factoren en andere omgevingsfactoren. Volgens studies (17) zijn omgevingsfactoren, stress, plezier en druk van leeftijdsgenoten de hoofdredenen om te beginnen roken.

Als kankerpatiënt die tevens roker is, is het belangrijk om de triggers te leren herkennen die naar een sigaret doen grijpen en omstandigheden die de triggers in de eerste plaats activeren, zoveel mogelijk te vermijden.

Demografie van het roken.

Volgens de Wereld Gezondheidsorganisatie zijn er ongeveer 1.1 biljoen. Ongeveer de helft waarvan vroegtijdig zullen overlijden aan de gevolgen van roken. Roken is de voornaamste oorzaak van vroegtijdig overlijden, ongeveer 5 miljoen mensen overlijden aan de gevolgen van tweedehandsrook (18). Het Britse Office of National Statistics rapporteerden in hun ‘Report on Smoking in England’ dat 20% van de volwassenen van 16 jaar en ouder waren rokers in 2012. In 2002 bedroeg dat nog 26%. Bovendien bleken werklozen (39%) meer te roken dan werkenden (21%), of degenen die economisch inactief waren (17%) (19). Volgens het zelfde rapport waren ongeveer 17% van alle overlijdens in de UK in 2013 veroorzaakt door roken. De cijfers voor de USA zijn vergelijkbaar, met een percentage van ongeveer 18% rokers. Ongeveer 20,5% of volwassen mannen zijn rokers tegenover ongeveer 15,3 % vrouwen. Voor de leeftijdsgroep 65 jaar en ouder zijn 9% rokers (20).

Referenties:

  • [1]. Florou et al (2014), Clinical Significance of Smoking Cessation in Subjects With Cancer: A 30-Year Review
  • [2]. Quaife et al (2015); Smoking is associated with pessimistic and avoidant beliefs about cancer: results from the International Cancer Benchmarking Partnership.; Br J Cancer. 2015 May 26;112(11)
  • [3]. http://www.cancer.net/navigating-cancer-care/prevention-and-healthy-living/tobacco-use/tobacco-use-during-cancer-treatment
  • [4]. Rivera et al. (2015); Consequences of tobacco smoking on lung cancer treatments. Rev Pneumol Clin. 2015 Feb 26
  • [5]. Second hand smoke fact sheet. http://www.cancer.gov/about-cancer/causes-prevention/risk/tobacco/second-hand-smoke-fact-sheet
  • [6]. Moore et al. (2015). Prevalence of smoking restrictions and child exposure to secondhand smoke in cars and homes: a repeated cross-sectional survey of children aged 10–11 years in Wales. BMJ Open. 2015; 5(1): e006914.
  • [7]. Parsons et al (2010), Influence of smoking cessation after diagnosis of early stage lung cancer on prognosis: systematic review of observational studies with meta-analysis;BMJ. 2010 Jan 21;340:b556
  • [8]. Guide to quitting smoking, http://www.cancer.org/healthy/stayawayfromtobacco/guidetoquittingsmoking/guide-to-quitting-smoking-benefits
  • [9]. Effect of smoking on arterial stiffness and pulse pressure amplification, Mahmud A, Feely J.Hypertension.2003:41:183
  • [10]. US Surgeon General’s Report, 1988, p. 202
  • [11]. US Surgeon General’s Report, 1990, pp.193, 194,196, 285, 323
  • [12]. US Surgeon General’s Report, 1990, pp. 285-287, 304
  • [13]. US Surgeon General’s Report, 2010, p. 359
  • [14]. A Report of the Surgeon General: How Tobacco Smoke Causes Disease – The Biology and Behavioral Basis for Smoking-Attributable Disease Fact Sheet, 2010; andTobacco Control: Reversal of Risk After Quitting Smoking.IARC Handbooks of Cancer Prevention, Vol. 11. 2007, p 341
  • [15]. A Report of the Surgeon General: How Tobacco Smoke Causes Disease – The Biology and Behavioral Basis for Smoking-Attributable Disease Fact Sheet, 2010;and US Surgeon General’s Report, 1990, pp. vi, 155, 165
  • [16]. Tobacco Control: Reversal of Risk After Quitting Smoking.IARC Handbooks of Cancer Prevention, Vol. 11.  p 11
  • [17]. Chezhian et al (2015); Exploring Factors that Influence Smoking Initiation and Cessation among Current Smokers;J Clin Diagn Res. 2015 May; 9(5): LC08–LC12
  • [18]. World Health Organization (WHO). The role of health professionals in tobacco control. Geneva: WHO, 2005.
  • [19]. Statistics on Smoking: England, 2014, http://www.hscic.gov.uk/catalogue/PUB14988/smok-eng-2014-rep.pdf
  • [20]. Centers for Disease Control and Prevention USA, Current Cigarette Smoking Among Adults in the United States, http://www.cdc.gov/tobacco/data_statistics/fact_sheets/adult_data/cig_smoking/