Terug | Fysieke activiteit

Het belang van fysieke activiteit

physical activity and cancerHet aanhouden van een gezonde levensstijl is voor iedereen belangrijk, maar wist je dat het ook kan een invloed kan hebben op de prognose voor kankerpatiënten? Vele studies hebben reeds aangetoond dat lichaamsbeweging en een gezonde voeding een invloed hebben op het risico tot kanker, maar ook op het risico op herval en zelfs in sommige gevallen op de groei van kankercellen. Bovendien vermindert een gezonde levensstijl ook het risico op een groot aantal complicaties, variërend van cardiovasculaire ziektes, osteoporose en depressie tot diabetes.

Het therapeutisch belang van fysieke activiteit wordt keer op keer bevestigd in wetenschappelijke studies. Onderzoek verricht op overlevers van borstkanker, darmkanker, prostaatkanker en eierstokkanker toont aan dat patiënten die regelmatig fysiek actief zijn minder kans hebben op herval en een grotere overlevingskans hebben dan zij die fysiek inactief zijn.

Uit een grote studie waarin meer dan 23.000 borstkankerpatiënten betrokken waren, is gebleken dat lichamelijke activiteit een enorm effect had op de overlevingskans: de sterftecijfers voor patiënten die een matige tot intensieve lichamelijke activiteit beoefenden waren 29% lager dan het gemiddelde en 43% lager dan die van patiënten die weinig tot niet bewogen.

De invloed van fysieke activiteit op het verminderen van symptomen

Academici zijn er meer en meer van bewust dan zowel tijdens een kankerbehandeling als erna, lichamelijke beweging noodzakelijk is en ook een invloed kan hebben op het ervaren van bepaalde bijwerkingen en zelfs een positieve invloed kan hebben op het voorkomen van bepaalde symptomen. De bijwerkingen die verminderen door fysiek meer actief te zijn omvatten:

• Vermoeidheid
• Verlies van spiermassa
• Gewichtstoename
• Verlies van botdichtheid
• Incontinentie
• Pijn
• Verminderde hartfunctie
• Angst
• Depressie

Het verminderen van lichaamsbeweging kan ook een negatieve invloed hebben en ervoor zorgen dat bijwerkingen minder snel te controleren zijn. Dit kan leiden tot verlies van eetlust, verlies van spiermassa en een verminderde weerstand. De vermoeidheid kan ook toenemen, waardoor het weer moeilijk is om fysiek actief te zijn, en men dus in een spiraal terecht komt. Dit kan op zijn beurt de levenskwaliteit negatief beïnvloeden en de mortaliteit doen toenemen.

Aanbevelingen

Hoewel er nog geen eenduidige aanbevelingen zijn over de juiste hoeveelheid van lichamelijke activiteit die nodig is om de prognose te beïnvloeden, heeft het American College of Sports Medicine richtlijnen opgesteld voor kankerpatiënten en overlevers. Men raadt een matige fysieke activiteit aan van minstens 150 minuten per week of intensieve aerobe oefeningen van minstens 75 minuten per week. Ze raden ook twee maal per week krachttraining aan van minstens 10 minuten.

Een zekere mate van lichamelijke activiteit kan nuttig zijn voor iedereen -zelfs als je ouder bent en onder osteoporose lijdt, of als je fysiek inactief was nog voor de diagnose, of zelfs als je bedlegerig bent. Zelfs wanneer men extreme behandelingen ondergaat kan het nuttig zijn om de hoeveelheid van inactiviteit zoveel mogelijk te verminderen.

Hoe te beginnen?

Het is niet altijd gemakkelijk om te beginnen met meer lichaamsbeweging tijdens of na een behandeling. Een goede tip om te beginnen is je niveau van inactiviteit te verminderen. Enkele voorbeelden: breng minder tijd door in de zetel, ga wat wandelen, verplaats je te voet voor korte afstanden in plaat van met de auto, neem de trap in plaats van de lift, speel met je kinderen of ga met je hond wandelen. Geleidelijk opbouwen is de boodschap. Groepslessen kunnen helpen met begeleiding en kunnen motiverend werken. Er zijn meer en meer groepslessen voor kankerpatiënten en overlevenden die op een aangename en individuele manier je kunnen helpen om meer actief te worden. Vraag het na in je ziekenhuis of spreek je arts er over aan.

Om je individueel schema te bepalen dat afgestemd is op je conditie kun je best je arts en fysiotherapeut raadplegen. Het is nooit te laat om te beginnen!

Referentie: www.antikankerfonds.org